Voordat partijen om tafel kunnen gaan om te zoeken naar een oplossing voor een conflictsituatie, is een goede diagnose onmisbaar. Dat klinkt voor de hand liggend, maar is een stap die in de praktijk vaak wordt overgeslagen. Dat is niet handig, want vaak zijn de betrokkenen het overzicht kwijt, zeker als een conflict al jaren speelt. Het (samen) maken van een conflictdiagnose is een eerste stap om met de verschillende partijen bij elkaar te komen. Op basis daarvan kunnen partijen afspraken maken over een effectief vervolgtraject, bijvoorbeeld het inzetten van een onderhandeling, arbitrage of voorleggen van het geschil aan een rechter.

De diagnose kan ondermeer aan de hand van de volgende onderwerpen worden vormgegeven:

Historie van een gebied

Eén van de belangrijkste lessen uit de praktijk is dat de gezamenlijke historie van partijen een grote rol speelt in conflicstituaties. Als burgers te laat worden betrokken op het moment dat al een besluit is genomen, dan kan dat weerstand opwekken (SCP, 2016: 70). Weerstand kan ook ontstaan als op andere terreinen een maatschappelijk conflict heeft gespeeld, bijvoorbeeld over een buurthuis of de opvang van statushouders. In die gevallen is samenwerking een beter passende benadering dan te proberen om betrokkenen te overtuigen. Het herstel van het vertrouwen in de relatie tussen partijen is dan belangrijker dan overeenstemming over de inhoud.

Inventarisatie van belangen

Het inventariseren van belangen behoort tot het standaardrepertoire van omgevings- en gebiedsmanagers. In vroege beleidsvorming is het inventariseren van belangen, wensen en behoeften en het vaststellen van de gebiedsopgave een startpunt voor een integratieve benadering van beleidsvorming. Als een opgave een puur “single issue” is, dan is het meestal ook een distributief vraagstuk. 

De omgeving

In participatie bij gebiedsontwikkeling speelt vrijwel altijd de vraag wie de omgeving is. Is dat beperkt tot een geografisch gebied of gaat het om mensen en organisaties die vinden dat zij een belang hebben? Door de omgeving in kaart te brengen is vast te stellen of er op voorhand al interafhankelijkheidsrelaties bestaan tussen belanghebbenden. In de publieke ruimte is vrijwel altijd sprake interafhankelijkheid maar de omvang daarvan is de moeite van onderzoeken waard. Representatie is hierbij een aandachtspunt. Niet iedere burger kan voor zichzelf opkomen of voelt zich gerepresenteerd door bijvoorbeeld een wijkvereniging of de gemeenteraad. 

Gedrag

Wellicht het lastigste onderdeel van een diagnose is te beoordelen of het gedrag van belanghebbenden bijdraagt aan de oplossing van het vraagstuk. In de praktijk zien we beleidsprofessionals, bedrijven en burgers samen optrekken. Om te achterhalen hoe zij hun interacties ervaren, kan reflectie in-actie -dus tijdens een traject- een belangrijke bijdrage leveren aan het leren over hun gedrag in de praktijk (cf. Schön, 1983). Reconstructie-clinics kunnen helpen om een traject uit een impasse te halen of te verbeteren.